Boek Ruha Benjamin - Imagination. A Manifesto

Een koude en grauwe 2 januari. Een goede dag om het leesjaar te beginnen met een boek dat verkent hoe we een betere toekomst kunnen realiseren. Dat begint, aldus auteur Ruha Benjamin, bij het – gezamenlijk – verbeelden van die nieuwe toekomst. Om ons daar een voorstelling van te kunnen maken, moeten we wel eerst door een paar zure appels heen bijten.

Van de achterflap

In Imagination: A Manifesto stelt Benjamin dat onze verbeelding ons kan helpen om systemen van onderdrukking omver te werpen en een wereld te creëren waarin iedereen kan floreren. Maar er zijn talloze obstakels. We hebben een dominante verbeelding geërfd die ons gevangen houdt in destructieve opvattingen. Denk aan racisme, seksisme en klassenverschillen die hiërarchieën, uitbuiting en geweld in stand houden. Ook die systemen zijn allemaal voortgekomen uit de menselijke verbeelding. De meest effectieve manier om die te ontwrichten, is door collectieve actie. Benjamin toont hoe docenten, kunstenaars, activisten en vele anderen krachtige nieuwe verhalen creëren die creatieve oplossingen bieden voor ogenschijnlijk onoplosbare problemen. (eigen vertaling).

De toekomst verbeelden begint met het herzien van oude beelden

Ruha Benjamin omschrijft zichzelf als een multidisciplinair denker, die zich vanuit verschillende perspectieven verdiept in hoe technologie en samenleving op elkaar inwerken. Ook in haar manifest ‘Imagination’ verbindt ze ook diverse historische en maatschappelijke invalshoeken als aanzet voor een voorstelling van een nieuwe, betere toekomst.

Daarvoor moet de lezer wel eerst door een zure appel heen bijten. Ze beargumenteert overtuigend dat in onze hedendaagse samenleving nog steeds sprake is van ongelijkheid – niet ondanks beleid of maatregelen, maar juist als gevolg daarvan. Dat doet ze in niet mis te verstane woorden. Zo stelt ze dat de huidige inrichting van de Westerse samenleving voortvloeit uit een eugenetische wereldbeeld. Dat houdt in dat de (witte) dominante cultuur moet worden versterkt en gemarginaliseerde groepen bewust in de marge worden gehouden, ervan uitgaande dat andere rassen inferieur zijn.

Klinkt radicaal? Misschien, maar dat maakt haar betoog niet minder waar en zeker niet minder waardevol. Ze levert ook stevige – en naar mijn idee terechte – kritiek op de beweging van effectief altruïsten en longtermist transhumanisten. Die beweging wordt (zij het niet officieel) aangevoerd door extreemrijke techbro’s die beweren de toekomst van de mensheid zeker te stellen, maar vooral bezig zijn hun eigen hachje te redden – over de ruggen van een hard zwoegende werkende klasse heen. Deze stroming is gestoeld op gedachtegoed – een verbeelding – die ervan uitgaat dat de technologische elite van grotere waarde is voor de wereld dan anderen, en die voor de rest van de wereld het beste kan bepalen welke uitgaven effectief en dus goed zijn.

Benjamin laat daarmee meteen zien dat verbeelding niet neutraal is. Het maakt uit welke voorstelling je graag van de toekomst maakt, en van je eigen rol daarin: een waarin in de ultrarijken het goed hebben maar de massa achterblijft, of een waarin iedereen goed kan leven. We moeten eerst die huidige eugenetische benadering zien en erkennen, om vervolgens een toekomst voor te kunnen stellen waar iedereen in kan gedijen.

Toekomsten als collectieve opgave

Als we dan door die zure appel heen zijn, blikt Benjamin vooruit. Daarbij waakt ze ervoor om zelf een toekomstbeeld te schetsen. Ze wijst er met klem op dat het niet aan individuen is om te bepalen hoe de toekomst eruit moet zien (en om die te verwezenlijken), maar dat dat een gemeenschappelijke opgave is.

In een TedTalk benadrukt ze dat belang voor collectiviteit door een begrip aan te halen dat science fiction auteur Margaret Atwood eerder muntte: ustopia (ons-topia). In het verlengde van een utopie en in tegenstelling tot een dystopie draait het hier om een toekomst waarin gezamenlijkheid en saamhorigheid centraal staan. Opmerkelijk genoeg kwam ik de term niet in het boek tegen, maar omdat het wel een heel mooie aanvulling is, deel ik de video hier.

Benjamin lardeert haar boek met talrijke voorbeelden van verbeelden (en de effecten daarvan) en bronnen. Een van haar grote inspiratiebronnen van de science fictionschrijver Octavia E. Butler. Met een bespreking van Butlers A Few Rules for Predicting the Future trapte ik het vorige leesjaar af. Daarin verwees ik ook naar naamgenoot Michiel Schwarz’ concept van toekomsten als werkwoord (in het verlengde van het Engelse futuring). Hij benadrukt daarmee dat het bedenken van toekomstscenario´s niet voldoende is – je moet er ook werk van maken.

Ook Benjamin beseft dat we die betere toekomst niet alleen bereiken door ons er een voorstelling van te maken. Het gaat niet om beelden, noch om woorden, maar om daden: hoe moeten we handelen om die betere toekomst te realiseren? Dat vraagt om een gedegen strategie en organisatiemacht (en -kunde). Maar die verbeelding gaat daar wel aan vooraf. Ze eindigt het manifest dan ook met concrete handreikingen hoe daarover het gesprek aan te gaan.

#DeZinVanHetBoek

Uit elk boek dat ik lees, kies ik een zin die mij erg raakt, of die de bedoeling van het boek goed verwoordt. Het kan ook zijn dat die zin juist aansluit bij actuele gebeurtenissen of discussies in de samenleving. Uit dit boek koos ik deze zin: ‘Will we continue shutting off the power of the masses so that a minority can stay warm, or will we build the necessary infrastructure so that everyone can thrive?’
Zie ook Op zoek naar de zin van het boek.

Bronnen

Ruha Benjamin (2024) – Imagination. A Manifesto. New York: Norton

Website van de auteur

Een verkorte Engelstalige bespreking is ook te vinden op Goodreads.

Toekomsten doen we samen (recensie)

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *